HET SCLESSIN-EFFECT

Standard voorlopig beste thuisploeg

Photo News

Photo News
Ze zijn luidruchtig, ze zijn gepassioneerd, ze zijn Standard-supporter. Voetbal is hun leven – dat hebben de Rouches goed begrepen. Tegen Moeskroen willen ze hun uitstekende thuisreputatie kracht bijzetten. Welkom in de hel van Sclessin.

Steile tribunes, stoere mannen in blote bast, opzwepende muziek.

Het Stade Maurice Dusfrasne lééft voor, tijdens en na de wedstrijden van Standard. Die sfeer geeft de thuisploeg vleugels -meestal, toch. Daar voelen Carcela, Mpoku en co. zich het best: in hun natuurlijke biotoop. Waar dribbels hand in hand gaan met een nooit aflatende strijd. Negentig minuten gáán. “Gelukkig hebben we Sclessin”, aldus Emilio Ferrera een tijdje terug. Zich ervan bewust dat Standard in eigen huis moeilijk te kloppen is.

“Ik snap die uitspraak”, zegt Karel Geraerts, een ervaringsdeskundige. Hij speelde drie seizoenen in Luik. “Het geeft een kick om daar te voetballen. De hymne die voor de match gespeeld wordt, de tifo’s die de supporters maken,… Je gaat jezelf nóg meer geven. De kleedkamers liggen vlak aan de catacomben. Je voelt het publiek als je de deur openzet. In de gang staan, was voor mij het summum. Je hoort de fans op dat moment in extase gaan. Op Sclessin heerst er een zuiderse sfeer. Daarom zijn ze in thuiswedstrijden ook zo sterk. Het publiek kan er heel bepalend zijn. Pas op: je moet ze wel meekrijgen. Vechtlust tonen – goed voetballen kunnen ze, kwaliteit hebben ze allemaal. Loop je de kantjes eraf of geeft een speler zich geen honderd procent, dan kunnen ze een ander gelaat laten zien.”

Geraerts weet als ex-middenvelder van onder meer Club Brugge en Charleroi ook wat het is om als tegenstander in Luik te voetballen. “Het is leuk, maar moeilijk”, lacht hij. “Zeker als de resultaten goed zijn.”

Adrenaline

Iets wat ex-Rode Duivel Thomas Buffel – onder meer ex-Racing Genk en nu Zulte Waregem – bevestigt. Van de achttien confrontaties die hij speelde op Sclessin won hij er slechts twee. “Je hebt de supporters die kort op het veld zitten”, zegt hij. “Standard kan de sfeer die er heerst goed omzetten naar het veld. Ik ken dat van destijds bij de Rangers: in een drukke periode met veel wedstrijden voel je je moe. Maar dan sta je in de tunnel en voel je ineens de adrenaline van het stadion. Het moment dat je een voet op het veld zet, krijg je een shock. Je gaat als speler mee in dat verhaal. Bij Standard lopen veel jongens die het van individuele klasse moeten hebben. Ze voelen zich wellicht meer geneigd om er alles uit te halen en zich te tonen voor zo’n publiek – zij hebben het nodig om ‘in the picture’ te lopen.”

Buffel weet ook wat Sclessin zo speciaal maakt. “Er is meer dan één vak waar je ‘schrik’ van krijgt. Bij veel ploegen zitten de fans vooral achter het doel en is de rest van het stadion neutraler. Bij Standard zitten ze overal. Achter het doel, aan de overkant van de vleugel en achter het doel van de tegenstander. Dat maakt het wel indrukwekkend. Je zit precies ingesloten tussen de thuissupporters.”

Bij Moeskroen weze men gewaarschuwd. Het Stade Maurice Dufrasne lijkt een oninneembare vesting. Bovendien: de Henegouwers verloren hun laatste vijf wedstrijden in Luik. Doelpuntensaldo:16-5. (FDZ/VDVJ)

Top zes thuismatchen

1. Standard30 op 39

2. Club Brugge29 op 39

3. STVV29 op 42

4. RC Genk28 op 42

5. Anderlecht27 op 42

6. AA Gent26 op 42

*Antwerp heeft 19 op 39,

goed voor een elfde plaats

hln – digikrant

Advertenties