…Naar kampioen der regelmatigheid

Om kampioen te worden heeft men het zogenaamde ‘tikje geluk’ nodig. Dat had Standard niet in 1935-36. Dat had Standard wél op de laatste dag van de kompetitie. Indien dat formidabel en totaal onhoudbaar schot van Berchemspeler Everaert enkele centimeters méér naar binnen was gevlogen, had Berchem de leiding genomen met 1-0 en die misschien tot het einde toe behouden. Had Standard twee matchen ervoor op het veld van C. S. Verviers in de laatste minuten geen providentiële en volgens velen uiterst lichtvaardig toegekende penalty ten geschenke gekregen, die Jean Mathonet met bekwame spoed omzette op het ogenblik dat Verviers met 1-0 de leiding had…

Maar Standard had in de loop van het seizoen ook zijn tegenslagen gekend en op het einde van de kompetitie kompenseert het ene gewoonlijk vrij goed het andere.

Om kampioen te worden heeft men knappe spelers nodig. Die bezit Standard beslist. De roodwitten spelen – dat geeft vrijwel iedereen toe – een mooier spel dan de Arsenalscores van dit seizoen zouden laten vermoeden. De ploeg bezit trouwens verscheidene internationaals, zoals Jean Mathonet, de dappere kapitein, Thellin, Piters, Givard, Jadot en Houf.

Om kampioen te worden is er vooral regelmatigheid nodig. Nu heeft de grote Luikse club juist aan regelmatigheid altijd een broertje dood gehad. Het is de grootste verdienste van trainer Riou geweest, aan zijn ploeg die regelmatigheid te geven, die onontbeerlijk was voor het veroveren van de landstitel. Om dit te bereiken heeft hij het aksent in de ploeg moeten verleggen. Vroeger was Standard bekend als de ploeg, die de aanvallende taktiek huldigde. Dit seizoen integendeel werd de grootste aandacht besteed aan de organisatie van de verdediging. En Standard is langzamerhand een haast oninneembaar blok geworden.

Van individuele naar zone-verdediging
Jarenlang is Riou door dik en dun voorstander gebleven van het Frans systeem der individuele verdediging, waarbij de verdediger zijn rechtstreekse tegenstander als zijn schaduw volgt, overal waar die gaat.

Dit jaar, op de match te Anderlecht, zijn de ogen opengegaan. Standard werd er, tenvolle verdiend, met 2-0 geklopt, voornamelijk door het fantastische spel van Jurion als binnenspeler. Toen werd bewezen dat het één enkele speler niet altijd mogelijk is een tegenstander met buitengewone klas te houden. Na enkele strubbelingen en wrijvingen gaf Riou toe aan de drang van spelers en bestuur in de club. Wellicht zit daar de grondoorzaak van zijn heengaan, na afloop van het huidig seizoen. Maar in elk geval, Riou gaf zich gewonnen en Standard ging over naar een soort zoneverdediging, die de ploeg heeft toegelaten de tweede helft van de kompetitie een bijna oninneembaar geheel te worden. Vandaar haar talrijke overwinningen met 1-0 en 2-1 en die draws met 0-0 en 1-1.

Op dit taktisch plan heeft vooral Mathonet een vooraanstaande rol gespeeld. Hoewel kanthalf en dus theoretisch bedeeld met een evenzeer opbouwende als defensieve rol, heeft Mathonet. vooral sinds nieuwjaar, bijna altijd als tweede stopper gespeeld en een bijna uitsluitend verdedigende positie ingenomen. Het gevolg hiervan was natuurlijk’dat een der insides (Givard of Houf, of beiden afwisselend) eveneens meestal in teruggetrokken positie opereerde om geen ruimten in het middenveld te laten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s